sla kweken
Sla kweken
Voor het
kweken van sla is er vruchtbare grond nodig. De plantjes hebben veel blad in verhouding tot het wortelgestel: daarom moet de grond tijdens het
kweken van sla los en vochtig zijn, maar zeker niet te nat. In het voor- en najaar is het belangrijk dat de sla zonnig staat.
Sla verdraagt in de zomer wat schaduw.
De meeste slasoorten kunnen van
maart tot augustus direct buiten gezaaid worden. Er wordt gezaaid wat geoogst kan worden.
Gekweekte sla die te lang blijft staan, schiet door. Vervolgens gaat de plant bloeien en sterven de blaadjes af.
Er kan ook binnen voor gezaaid worden, als het buiten nog te koud is. Zodra er groen zichtbaar is, worden de slaplantjes buiten gezet om verder te worden gekweekt.
Er moet
regelmatig water gegeven worden tijdens het
kweken van sla, zeker bij droog weer. Bij droog weer wordt het best 's morgens water gegeven, omdat de plant nog de hele dag gaat verdampen. Bij onvoldoende watervoorziening gaan de planten uitdrogen en worden de bladeren taai.
Ruccola en
snijsla kunnen een maand na het zaaien al worden geoogst. Om opnieuw te kunnen uitlopen, worden ze boven het groeipunt afgesneden.
Kropsla kan een paar dagen koel worden bewaard, losse blaadjes moeten meteen worden opgegeten.
Bronnen: Fresh
moestuinieren
serre