Vruchtwisseling
Wat is vruchtwisseling?
Vruchtwisseling betekent afwisselen van teelten op een bepaalde plaats. Pas na een aantal jaren komt de eerste teelt terug op dezelfde plaats. . Een
vruchtwisseling is belangrijk voor de bodemvruchtbaarheid, de
bodemstructuur en voor het onderdrukken van onkruid. Het is belangrijk om een plan op te stellen waarin koolgewassen, bladgewassen, vruchtgewassen, wortel- en knolgewassen en peulgewassen elkaar opvolgen.
Jaar 1
Vak 1 Koolgewas
Vak 2 Bladgewas
Vak 3 Vruchtgewas
Vak 4 Wortelgewas
Vak 5 Knolgewas
Jaar 2
Vak 1 Knolgewas
Vak 2 Koolgewas
Vak 3 Bladgewas
Vak 4 Vruchtgewas
Vak 5 Wortelgewas
Vak 6 Peulgewas
Waarom vruchtwisseling?
Gewasbescherming
Vruchtwisseling is een manier om aan gewasbescherming te doen. Er worden problemen vermeden zoals de aantasting van de bodem door
ziekten, doordat de bodem minder wordt uitgeput. Ziekten zullen zich beter ontwikkelen als er steeds dezelfde groenten op dezelfde plaats worden gekweekt. Elke groente heeft zijn eigen belagers, bij
vruchtwisseling wordt de ontwikkeling van de belagers sterk gereduceerd. Ziekten kunnen voorkomen worden door te vermijden dat groenten van dezelfde familie elkaar opvolgen. De
vruchtwisseling heeft een beschermend effect bij schimmelgevoelige gewassen als de wachttijd van zes jaar nagestreefd wordt. Bij snelgroeiende gewassen bedraagt de wachttijd drie jaar, bij de meeste groenten bedraagt de wachttijd vier jaar.
Bemesting
De behoefte aan bepaalde voedingselementen is bij ieder gewas verschillend. Er zijn groenten die weinig
voedingsstoffen nodig hebben, waardoor de bodem nog veel voedingsstoffen bevat. Groenten met hogere bodemeisen kunnen bij de volgende teelt bij
vruchtwisseling op die plaats worden gekweekt, zo moet er minder bemesting worden gegeven. Als er dan toch bemesting moet worden gegeven, kunnen de groenten met een gelijkaardige voedselbehoefte samen worden geplaatst om tegelijkertijd te kunnen
bemesten.
Onkruidbestrijding
Vruchtwisseling kan ervoor zorgen dat het onkruid wordt onderdrukt. Gewassen die het onkruid slecht onderdrukken, bijvoorbeeld wortelen, ui en
aardbei, worden afgewisseld met gewassen die weinig onkruid toelaten, bijvoorbeeld aardappelen en pompoenen.
Bodemstructuur
Groenten hebben een sterke invloed op de bodemstructuur. Diepwortelende gewassen maken de grond los en zorgen voor lucht in de bodem. Gewassen met veel blad voorkomen het dichtslaan van de bodem door de regen. Bij
vruchtwisseling worden de groenten die de bodemstructuur verslechteren, afgewisseld met groenten die de bodem verbeteren.
Knolvoet
Vruchtwisseling speelt een grote rol bij het voorkomen van knolvoet. Knolvoet zorgt voor misvormde wortels; het blad krijgt een loodachtige kleur en gaat slap hangen. Leden van de familie van de kolen zaaien of planten waar voorheen ook al kolen stonden, veroorzaken knolvoet. Kolen op zandgronden zijn nog gevoeliger aan knolvoet.
Stikstof
Zaai of plant groenten bij
vruchtwisseling die weinig stikstof nodig hebben op de plaats waar stikstofminnende groenten hebben gestaan en omgekeerd. Late bonen kunnen op plaatsen staan waar kool heeft gestaan. Deze boontjes vragen niet veel voedingsstoffen. Het laten afsterven van de wortels van peulvruchten in de grond, zorgt voor het verhogen van het stikstofgehalte. Kolen of prei kunnen op plaatsen staan waar peulvruchten stonden, omdat deze groenten veel stikstof vragen.
Mulchlaag
Bij de tweede ronde van het zaaien of planten kan de temperatuur hoog oplopen. Een mulchlaag aanbrengen rondom de jonge plantjes vermindert de verdamping. Deze laag mag niet te dik zijn, zodat de bodem nog voldoende kan opwarmen.
Grondsoort
Zandgrond is minder geschikt voor de allerlaatste teelten omdat deze snel afkoelt in het najaar. Kleigrond en veengrond bevatten veel vocht en koelen daardoor in het najaar minder snel af.
Mogelijke teeltcombinaties:
- wortel en
ui
- tomaat en wortel
- tomaat en
basilicum
- rode biet en ui
-
kropsla en ui
- paprika en ui
- peterselie en
tomaat
- selder en stambonen
- witte kool en ui
Onmogelijke teeltcombinaties:
- sla en peterselie
- prei en wortel
- prei en rode biet
- ui en bonen
- pompoen en aardappels
moestuinieren
serre