IJsbergsla
IJsbergsla
Lactuca sativa var. capitata
Herkomst
IJsbergsla of ijssla is een slasoort die begin 20e eeuw in Californië geïntroduceerd werd onder de naam "Iceberg". Hij dankt zijn naam aan het transporteren van de
sla per trein van de west- naar de oostkust waarbij heel wat ijs werd gedaan zodat de
ijsbergsla langer houdbaar was.
Algemeen
IJsbergsla vormt een gesloten krop en kan niet als snijsla worden gekweekt. De knapperige bladeren kunnen variëren van lichtgroen tot donkergroen, de bladranden krullen. De opkweekduur van
ijsbergsla is twee weken langer dan kropsla.
IJsbergsla kan minder goed tegen kou dan kropsla, maar kan wel lang worden bewaard.
Ziekten en plagen
rand
Een van de grootste problemen bij
ijsbergsla, vooral in de zomer en de herfst, is rand. Als dit op de buitenste bladeren gebeurt, wijst dit op een te droge grond in combinatie met een te lage luchtvochtigheid. Rand in het binnenste deel van de krop wijst op een te hoge zoutconcentratie van de grond in combinatie met een plotse en te grote temperatuursstijging. Bij een warme voorjaarsdag wordt de sla 's morgens vroeg nat geregend, wachten tot de middag kan bladverbranding veroorzaken.
Witziekte of valse meeldauw
Bremia lactucae
smet
Smet kan ontstaan door een aantasting van grauwe schimmel. Om dit te voorkomen moet een voldoende grote plantafstand tussen de
ijsbergsla worden aangehouden zodat de bladeren snel kunnen drogen.
slakken
Teeltwijze
Zaaien
De zaden van
ijsbergsla zijn donker in tegenstelling tot de lichte zaden van de
kropsla. Het zaad van
ijsbergsla kiemt bij lage temperaturen.
IJsbergsla kan vanaf begin februari tot half maart en eind augustus/begin september onder glas worden gezaaid. Half maart wordt
ijsbergsla in een koude, onverwarmde serre gezaaid.
IJsbergsla kan een lichte nachtvorst verdragen, maar bij een langere vorstperiode worden de planten best afgedekt met acryldoek. Om een hoog kiempercentage te behalen is het gebruik van een zaaikistje aangeraden. Vanaf half maart tot eind juli wordt
ijsbergsla in volle grond gezaaid. De afstand tussen de rijen bedraagt ongeveer 10 cm, de zaaidiepte is 1 cm. De teeltduur varieert van acht weken in februari - maart tot zes weken in volle zomer.
Planten
Bij het verschijnen van de eerste blaadjes kan
ijsbergsla in een pot worden geplaatst. Drie weken na het verspenen kan de
ijsbergsla in volle grond worden uitgeplant. De kluit van de persplanten wordt voor de helft in de grond geplant. Op die manier vermindert het contact met de grond en wordt de kans op schimmels kleiner. De plantafstand bedraagt 35 x 35 cm, de plantafstand moet voldoende groot zijn zodat de bladeren van de
ijsbergsla snel kunnen drogen. Dit voorkomt ziektes en aantastingen zoals de grauwe schimmel. In de zomer is een plantafstand van 45 x 35 cm aan te raden.
Verzorgen
IJsbergsla heeft een luchtige bodem nodig, die tijdens de groei voortdurend vochtig moet blijven. Uitdroging kan ervoor zorgen dat onvolgroeide kroppen gaan doorschieten. Een hoge stikstofbemesting verhoogt het nitraatgehalte in de sla en maakt ze gevoeliger voor ziekten en verbranding.
IJsbergsla heeft in het voorjaar en de zomer regelmatig water nodig. In het najaar gaat de
ijsbergsla minder verdampen waardoor hij minder water nodig heeft. Teveel water geven, veroorzaakt glazigheid. Glazigheid ontstaat na het openbarsten van de cellen door te hoge worteldruk. Het water geven gebeurt het best 's morgens vroeg of 's avonds laat, wanneer de temperatuur lager is. Warmte en vocht zijn immers uitstekende omstandigheden voor ziektes.
Oogsten
De
ijsbergsla die in onder glas is gezaaid, kan vanaf half april tot eind mei en van half oktober tot half december worden geoogst. Het oogsten van de in volle grond gezaaide
ijsbergsla kan van half juni tot eind oktober. De periode tussen het planten en het oogsten zal toenemen, naarmate er later in het jaar wordt geplant.
Deze
sla wordt gekweekt tijdens het
kweekproject 2011.
serre