Aardbei

Aardbei
Fragaria x ananassa

Herkomst

Bosaardbei wordt al sinds de oudheid in het wild geplukt en gegeten. Rond de 14e eeuw verhuisde de bosaardbei naar de moestuin. De bosaardbei is inheems in noordelijk en gematigd Eurazië.

Fragaria vesca is de kleine bosaardbei, Fragaria moschata is de grote bosaardbei. Niet de bosaardbei, maar wel variëteiten van de tuinaardbei, Fragaria x ananassa worden in de moestuin gekweekt. Deze tuinaardbei is ontstaan uit een kruising tussen een Noord- en Zuid-Amerikaanse aardbei.

De vrouwelijke bloemen van de Chili-aardbei, Fragaria chiloensis, werden bestoven met het stuifmeel van de scharlaken-aardbei, Fragaria virginiana. Het is een voorbeeld van een gedomesticeerde soort die door menselijke tussenkomst is ontstaan. Uit een soortkruising van de kleine bosaardbei (Fragaria vesca) met de cultuuraardbei (Fragaria x ananassa) is er een nieuwe soort ontstaan, namelijk Fragaria x vescana.

Algemeen

De aardbei behoort tot de rozenfamilie (Rosaceae). Aardbeien groeien aan lage meerjarige kruidachtige planten. Ze vormen gedurende de zomer uitlopers waaraan jonge planten groeien.

Aardbeien kunnen vegetatief worden vermeerderd door deze planten met uitlopers. De planten met de uitlopers of stolonen kunnen apart worden geplant en zullen uitgroeien tot nieuwe aardbeienplanten. De laatste jaren zijn er ook enkele rassen op de markt gekomen die generatief, door middel van zaaien, worden vermeerderd.

De vegetatief vermeerderde planten zullen een beter resultaat opleveren. De bloemen van aardbeiplanten zijn voornamelijk wit, maar ze kunnen ook lichtroze tot donkerroze zijn. Elke stamper in de aardbeienbloem kan na bevruchting uitgroeien tot een dopvruchtje. De aardbei zelf is een schijnvrucht die bestaat uit de uitgegroeide bloembodem met aan het oppervlak dopvruchtjes.

Misvormde aardbeien kunnen een gevolg zijn van onvoldoende bestuiving en/of bevruchting. Er zijn éénmaaldragende en doordragende aardbeienrassen. Bij éénmaaldragende rassen is er één oogst per seizoen, bij doordragende rassen is er gedurende de hele zomer bloemaanleg, bloei en vruchtzetting. De oogst bij deze rassen is meer gespreid over de hele zomer.

De beste opbrengst komt van éénjarige planten die tijd zijn geplant. Eénmaaldragende rassen worden van eind juli tot begin augustus geplant om in juni-juli van het volgende jaar een goede oogst te hebben. Doordragende rassen worden in het voorjaar geplant. Er zijn éénmaaldragende en doordragende rassen van Fragaria ananassa. Fragaria x vescana is een éénmaaldragend ras.

Ziekten en plagen

vogels Lijsters, merels en mussen pikken vruchten wanneer ze rijp zijn. Om schade te voorkomen kan een plastic folie over de planten worden gezet.
paarse bladvlekkenziekte Alternaria alternata De aantasting komt voornamelijk voor op oudere bladeren en gaat gepaard met vorming van ronde donkerbruine plekken. De paarse bladvlekkenziekte kan bestreden worden met behulp van een zwavelhoudend middel.
aardbeienmeeldauw Sphaerotheca macularis Door de aardbeienmeeldauw komt een witte laag op de stengels, bladeren en vruchten liggen.
grauwe schimmel Botrytis cinerea De bladeren van de aardbeienplanten worden aangetast door de grauwe schimmel als gevolg van langdurig vocht op of onder de bladeren. De aangetaste bladeren verwijderen voorkomt verdere verspreiding van de schimmel.

Teeltwijze

Zaaien Het zaaien onder glas kan vanaf februari tot eind maart. De bloei begint voldoende vroeg en er zullen nog enkele maanden aardbeien kunnen worden geoogst. De zaden, die na april zijn gezaaid, zullen pas het volgende jaar oogstklare producten leveren. Na het zaaien van de aardbeien worden de zaden afgedekt met een dun laagje grond of zand, want het zijn lichtkiemers. Na het zaaien wordt de aarde bevochtigd met een nevelspuit. Door een zaaikistje met deksel te gebruiken, blijft de vochtigheid optimaal. Het kiemen duurt vier tot zes weken bij een temperatuur van 22°C.

Na opkomst kunnen de zaailingen worden verspeend in potten. De plantjes worden best met een kluitje aarde verspeend, wat een betere hergroei zal geven. De potjes worden gevuld met universele potgrond. Zes tot acht weken na het zaaien van de aardbeien kunnen de plantjes worden afgehad.

Het afharden zorgt ervoor dat de planten al kunnen wennen aan de buitentemperatuur, dit kan door overdag de planten enkele uren buiten te zetten. Het afharden kan vanaf de voorlaatste week van mei, in de laatste week van mei kunnen de aardbeiplanten buiten worden geplant. De plantafstand bedraagt 50 x 30 cm.

Aardbeienplanten
kunnen niet goed tegen teveel vocht, zowel tijdens de opkweek als wanneer ze in de grond staan. Buiten worden ze beschermd tegen de regen. Planten Aardbeien worden voornamelijk geplant. Vanaf half maart, begin april kunnen de aardbeienplanten worden uitgeplant in de serre. In een verwarmde serre zullen de aardbeienplanten nog beter groeien. Eind mei kunnen de aardbeienplanten buiten worden geplant.

Verzorgen
Als de grond niet is afgedekt met folie, moet de grond regelmatig onkruidvrij worden gemaakt. Zolang de planten niet bloeien kan dit met een schoffel, eenmaal de planten bloeien dient het wieden met de hand te gebeuren. Als de eerste aardbeien verschijnen, wordt er stro gelegd zodat de aardbeien niet op de aarde liggen. Het is belangrijk het stro niet te vroeg aan te brengen, anders is er meer gevaar op bevriezing van de bloemen door late nachtvorst. De grond kan namelijk geen warmte meer afgeven.

Water geven is vooral nodig vanaf de bloei en tijdens de vruchtgroei. Voor de winter verdragen de aardbeienplanten een toevoeging van turfmolm en compost. De bladeren mogen niet onder de turfmolm terechtkomen. In het voorjaar is een toevoeging van fosfaat en patentkali nodig.
Stikstofhoudende meststoffen zorgen ervoor dat de aardbeien waterig worden en sneller rotten.

Oogsten
Het oogsten van aardbeien kan vier maanden na het zaaien. De laatste aardbeien zullen tot half september kunnen geoogst worden. De aardbeienplanten die half maart zijn geplant, zullen vanaf half mei oogstklare aardbeien geven. De oogstperiode zal ongeveer vier tot vijf weken duren. Aardbeien zijn rijp als ze dieprood zijn. Door in de aardbeien te knijpen ontstaan plekken die uiteindelijk tot verrotting van de aardbei kan leiden. Bij goed weer moet elke twee of drie dagen worden geoogst.

Rassen

Elsanta Elsanta is een kegelvormige vrucht met een rood glanzende huid. Deze aardbei heeft een zeer zoete smaak. Selva Selva is een meer afgeplatte kegelvormige vrucht. Deze aardbei kan vanaf juli worden geoogst. Darselect Darselect is een variëteit met Elsanta als een van de ouders. Deze aardbei heeft een doffere en donkerdere huid dan Elsanta. Darselect is een vroege aardbei. Ook tijdens het kweekproject 2011 worden er aardbeien gekweekt. aardbeien kweken aardbei serre

Aardbei




Sitemap

ACD heeft ook aan haar gedacht 07/03/2019

Na de man cave is er nu ook de She Shed.

Kom zeker eens langs in onze nieuwe showroom 25/10/2017

ACD serres: Serre - hobbyserre - kweekbak